Pag. 6 Anjet Daanje - De januarikuur 4 november 2005 - N 1 Pag. 7
eerste afl.vorige afl.volgende afl.sitemapwww.anjetdaanje.nl

gedacht Warja daarmee een groot plezier te doen. Maar nadat Yolanda was vertrokken om, zoals ze zei, nog wat te gaan werken, had Warja haar vriendin woedend de deur uitgezet. Femke had nooit durven vragen wat ze die avond precies verkeerd had gedaan. Warja had nooit haar excuses aangeboden. Sindsdien ontweken ze het onderwerp Yolanda, en dus ook Dudocq, zorgvuldig.



Op het station van Fierenchem hadden Femke en Warja een kwartier de tijd om over te stappen op het Dudocq-treintje. Het stond al op hen te wachten, afgemeerd langs een smal perron met een overdekt wachthuisje waarop in zegevierend grote letters stond te lezen: Onderzoekscentrum Paul Dudocq. Tegen de achterwand hing de kortste
dienstregeling die Warja ooit had gezien. Het treintje reed op een dag slechts een keer heen en terug. Het was in ieder opzicht een vreemd vervoermiddel.
Warja en Femke waren bij het NS-loket een retourtje Litsenburg gaan kopen, maar hadden te horen gekregen dat de lijn door Dudocq werd geëxploiteerd en dus niets met het station van Fierenchem te maken had. Bovendien was een plaatsbewijs overbodig, de reis was gratis.
Het spoor was smaller dan de rails waarnaar Warja gewend was op Sigmortel Centraal te staren wanneer op het computerbord in de stationshal weer eens een vertraging stond aangekondigd. Het gaf het Dudocq-
treintje de elegantie van een turnster op de evenwichtsbalk. Er was nog iets vreemds aan het metaal dat de weg naar De Litsenburg wees. Het was te leeg. Pas na een paar minuten begreep Warja dat ze de bovenleiding miste.
In plaats van geel was het treintje groen met olijke rode randen langs de ramen alsof ze in een pretpark waren beland, en ze tuffend, zingend en gillend langs de attracties zouden rijden. Ook de lengte was van dat genoeglijke formaat. Er waren slechts twee wagons,
getrokken door een robuuste diesellocomotief die, terwijl Warja en Femke instapten, lauwgrijze, ronkende dampen over het perron spuwde.
De passagiers verrasten Warja nog meer dan het onverwacht onzakelijke Dudocq-treintje. Ze gedroegen zich alsof ze waren vergeten dat ze naar een serieuze voorlichtingsdag van De Litsenburg gingen. Ze maakten er een plezierreisje naar de wintersport van. Er waren verschillende mannen met fototoestellen om hun nek die het hoestende treintje vingen om thuis te laten zien. Vriendinnerige vrouwen aten broodjes in papieren servetjes en schonken blikjes cola leeg in speciaal daarvoor meegebrachte weggooibekers. Een gezellige alles-samen-doen vrouw deelde aan de hele coupé pepernoten uit vanwege de steeds vroeger door de winkels aangekondigde sinterklaas. En toen de locomotief zich in beweging had gezet en hen door welig groene weilanden voerde, begonnen vier vrouwen zelfs luidkeels te zingen. Geleidelijk stak het lied de hele coupé aan. De mannen die het dichtst bij de deur naar het balkon zaten, bromden de tekst mee op een wijs die deed denken aan Jan daar ligt een kip in het water. De valse uithalen van een vrouw met
operette-aspiraties klonken overal bovenuit. Alleen Femke en Warja zongen niet mee. Ze lachten verbouwereerd naar elkaar.

© Anjet Daanje, 2005

z.o.z.